Creashock

Creashock

Creativiteit is als een dubbeldekker

NieuwsPosted by Dirk De Boe Sun, March 24, 2013 21:31:16

Toen ik enkele jaren geleden onze toen 6 jarige dochter naar school bracht, stond er een dubbeldekker voor de schoolpoort. Ze had zo een bus nog nooit eerder gezien, en vraagt: ‘Papa, zit daar boven ook een chauffeur?’ Dit is dan ook mijn favoriete definitie van creativiteit geworden:

‘Creativiteit is als een dubbeldekker met 2 chauffeurs. De bestuurder onderin brengt je van A naar B. De chauffeur boven brengt je overal’

Als kind ben je boven in de dubbeldekker geboren en heb je er ook je jeugd doorgebracht. Je keek immers graag door het open dak waarin je de wolken kon zijn. Je herkende er mooie figuren in: gekke dieren, draken, vogels, vissen maar soms ook een grote liggende man met een dikke baard. Boven in de bus was het ook heel kleurrijk, elke zetel was anders, alle kleuren van de regenboog kwamen er in terug en ook de bekleding varieerde. Die gekke buschauffeur maakte grappen, draaide leuke liedjes en jij ging steeds op verkenning in de bus. Er zat een schilder die elke dag de ramen met mooie aquarellen versierde, een schrijver las mooie verhalen voor en er was een clown die zorgde voor een leuke sfeer. Iedereen had elke dag een andere plaats en er was altijd wat te beleven. Er was ook een klaslokaaltje waar je heerlijk kon knutselen en waar de juf veel aandacht had voor wat je graag deed. De buschauffeur reed overal naar toe: Soms vooruit, dan weer achteruit of opzij, nu eens omhoog, dan weer omlaag. Altijd met verrassende bestemming. Je was er graag. Er was een ook een rare opa, een gepassioneerde leerkracht en een creatieve bakker waar je het goed kon mee vinden.

Jammergenoeg moest je, als je 12 jaar werd, naar beneden en kwam je in een heel andere wereld terecht. Wat keken die mensen ernstig. Je ging op een plaats zitten maar dat mocht niet want die was van een meneer die juist naar het toilet was. Je kreeg een vaste plaats naast andere kinderen die ook naar beneden hadden moeten komen. De meeste mensen waren in het grijs gekleed en keken je streng aan. Ook de buschauffeur keek je vermanend toe als je in de gang ging staan om met iemand te praten of als je een salto maakte. Het was er stil en er was geen muziek zoals boven. Uit de ramen zag je metaalkleurige auto’s met sombere mensen die naar hun werk reden. Er was ook een klaslokaal. Dat was echter zeer geordend en de leerkracht zei meteen: ‘vanaf nu is het gedaan met spelen, je zit nu in het secundair onderwijs’ Dat was spannend in het begin maar al gauw ging je het saai vinden en had je heimwee naar die juf.

Toen je er met je ouders over praatte, zeiden ze ‘Bijt even door, het went wel, je wordt nu immers groot’. Inderdaad, je had wat aanpassing nodig, daar in het onderste compartiment van die dubbeldekker. De bus reed altijd zijn zelfde weg en je bleef altijd dicht bij de grond. Alles liep er heel gestructureerd met regels en zo maar na een tijdje leerde je dat het zo hoorde en kon je je vinden in de gewoontes. Het was uiteindelijk gemakkelijk, je hoefde niet zoveel na te denken en gewoon elke dag hetzelfde doen. Als je je rolletje speelde en ’s avonds je les af en toe studeerde en je examens doorkwam, dan had je geen problemen. Het was daar beneden ook efficiënt. Er werd van alles gemaakt. Er ging een grote planning en iedereen had zijn rol. Samen creëerden de mensen daar heel wat welvaart en dikwijls waren ze er ook gelukkig. Stilaan begon je die gekke heren boven te vergeten en zelfs als abnormaal te beschouwen. Je dromen die je daar had gekoesterd, begon je op te bergen. ‘Kies maar voor een zekere job’, zeiden wijze mensen waaronder je ouders. ‘Van dat gek gedoe kan je geen boterham smeren’. Toen je uiteindelijk je diploma haalde, was je heel fier samen en kreeg ook jij je rol in de maatschappij.

Af en toe ging er wel iemand van beneden naar boven. Die had er genoeg van om benedendeks tussen grijze muizen te zitten. Andere mensen begonnen dan over die zonderling te praten. Naarmate je ouder werd, ging je de mensen boven beschouwen als wezens die niet volwassen en serieus geworden waren. Kinderachtige mensen. En ook al voelde je je ook niet 100% thuis beneden, het gaf wel zekerheid. Je wist dat je elke ochtend uit A vertrok en in B aankwam en ’s avonds terug terwijl je boven geen enkele zekerheid had waar je ging landen.

En zo waren de jaren voorbijgegaan. Tegenwoordig valt alles mooi volgens de patronen van de dag. Je vindt mensen die je bewonderde als kind zonderling. Maar af en toe komt dat vuur nog eens oplaaien en krijg je weer zin in die gekke droom die je ooit met je hoofd door het raam daarboven koesterde. Maar je buren beneden drukken dat gauw de kop in. ‘Je gaat toch geen risico's nemen? Je hebt zo een goed werk. Blijf bij ons hier van onder’.

Een aantal keer laat je je ompraten maar uiteindelijk pak je toch je moed samen en neem je na zoveel jaren weer het trapje naar boven ...

Het doet wat onwennig maar je wordt boven heel goed onthaald. Iedereen is blij dat je terug bent. Je voelt de energie en de warme sfeer. Je geniet. Je doet er veel nieuwe ideeën op, je luistert naar mooie verhalen, je ontmoet er veel inspirerende mensen.

Maar je blijft niet continu. Er zijn immers boven ook mensen die er altijd blijven, die zich heel goed amuseren maar nooit het genoegen kennen om hun leuke ideeën en dromen ook te realiseren. Jij gaat na een tijd weer naar beneden om je ideeën in de praktijk om te zetten. De eerste keer dat je weer beneden bent, mislukt het. ‘Zie je wel’, hoor je mensen achter je rug fluisteren. 'We hadden haar nog zo gewaarschuwd'. Maar je houdt vol. Je gaat weer naar boven en komt weer met nieuwe ideeën terug. Deze keer lukt het wel en het geeft je veel voldoening. Je krijgt bewondering ook van de mensen beneden. Zo kom je uiteindelijk weer terecht bij je grote dromen als kind, misschien kunnen ze toch werkelijkheid worden. Creativiteit wordt je nieuwe levenstijl is. Steeds wisselen van boven naar beneden en zo een voor een je dromen waarmaken ...